Cruciale instellingen bij het fotograferen (12)

Onder koude, mistige omstandigheden heb je al snel een extra set volle accu’s nodig.

De lens beschermen tegen beschadigingen

De zonnekap die voor op de lens geplaatst wordt zorgt voor briljantere foto’s en voorkomt dat er regendruppels op de frontlens of het filter komen. Ter bescherming van het objectief is het verder een goede zaak altijd een UV of Skylight filter voor de lens te plaatsen. Een kras op een filter is een stuk minder kostbaar dan een kras op de frontlens van je fototoestel! Sowieso is het slim om altijd een speciaal lensdoekje mee te nemen. Tijdens het vissen zullen er best wel eens regendruppels of spetters van de dril op je filter (of frontlens) komen te zitten. Neem verder extra accu’s voor je camera mee en een extra opslagkaart!

Onder koude, mistige omstandigheden heb je al snel een extra set volle accu’s nodig.
Onder koude, mistige omstandigheden heb je al snel een extra set volle accu’s nodig.

Cruciale instellingen bij het fotograferen (11)

Zorg dat je camera steeds klaar voor het grijpen ligt of hangt (in de bellyboot in een waterdichte rugzak of bewaartas) en ruim ze als laatste op!

Werking van de sensor

Een sensor in een modern fototoestel bevat vanaf 5 tot ruim 50 miljoen pixels. Elke pixel bevat een kleine fotocel die een elektrische lading afgeeft wanneer er licht op valt.

Hoe meer licht er op de sensor valt, des te groter is de lading die afgegeven wordt. De hoeveelheid licht geeft echter nog niet aan welke kleur het licht heeft. Om dit zichtbaar te maken hebben we filters nodig. Zonder het gebruik van filters zou elke opname afkomstig van een sensor een zwart-witopname zijn, met witte delen (veel licht), zwarte delen (weinig licht) en een groot aantal grijstinten. De sensor is daarom bedekt met een mozaïek van kleurenfilters, waarbij elke fotocel één filter heeft. Zoals je wellicht weet kun je met de drie basiskleuren (rood, groen en blauw) alle andere kleuren maken. De filters zijn dan ook onderverdeeld in vierkanten met een rode, een blauwe en twee groene filters (omdat onze ogen gevoeliger zijn voor groen licht dan voor rood en blauw). Waar bij analoge camera’s dit alles aan de hand van een chemisch proces een beeld voortbracht, wordt dit in digitale camera’s in een minicomputer omgerekend tot een digitaal beeld.

Zorg dat je camera steeds klaar voor het grijpen ligt of hangt (in de bellyboot in een waterdichte rugzak of bewaartas) en ruim ze als laatste op!
Zorg dat je camera steeds klaar voor het grijpen ligt of hangt (in de bellyboot in een waterdichte rugzak of bewaartas) en ruim ze als laatste op!

Cruciale instellingen bij het fotograferen (10)

De camerasensor wordt zichtbaar wanneer je de lens van de spiegelreflexcamera neemt en de sluiter open zet.

Formaat van de sensor

Zoals je elders hebt kunnen lezen wordt bij het maken van een foto het licht dat op de sensor valt, in een minicomputer omgezet in een digitaal beeld. Het formaat van de sensor en het aantal pixels op de sensor zijn van groot belang voor de kwaliteit van de uiteindelijke opname.

De meest gebruikte sensors in compactcamera’s hebben een formaat van 7,18 x 5,32 mm en 7,60 x 5,70 mm. In spiegelreflexen worden sensors gebruikt van 17,3 x 13 mm (Olympus Four Thirds Systeem), 22,2 x 14,8 mm (APS-C Canon), 23,6 x 15,7 mm (APS-C bij Nikon, Pentax en Sony) tot en met ‘full frame’ 24 x 36 mm (het oude formaat van dia’s en kleinbeeldnegatieven). Waar het op neer komt is dat hoe kleiner de sensor, des te meer het beeld vergroot moet worden voor een bepaald formaat afdruk en des te meer er aan kwaliteit verloren gaat. Op dit punt komt ook duidelijk het kwaliteitsverschil tussen een gemiddelde compactcamera en een spiegelreflex naar voren.
De verhouding tussen de hoogte en de breedte van de sensor bedraagt bij de meeste compactcamera’s en enkele spiegelreflexen 3:4, dit omdat ook het computerscherm dezelfde verhouding heeft. Bij de meeste spiegelreflexen, zeker bij de full-frame modellen, ligt dit op 2:3, de klassieke verhouding van het vroegere kleinbeeldformaat.

De camerasensor wordt zichtbaar wanneer je de lens van de spiegelreflexcamera neemt en de sluiter open zet.
De camerasensor wordt zichtbaar wanneer je de lens van de spiegelreflexcamera neemt en de sluiter open zet.

Cruciale instellingen bij het fotograferen (9)

Nog iets dat verderop uitgebreider aan bod komt, maar nu slim is om even te checken, is de witbalans van je camera.

Witbalans – AWB

Nog iets dat op een later tijdstip uitgebreider aan bod komt, maar nu slim is om even te checken, is de witbalans van je camera. Zorg dat die op ‘AWB’ (Automatische Wit Balans) staat. Staat de witbalans ingesteld op, bijvoorbeeld TL-licht of het licht van gloeilampen, dan krijg je bij opnamen in de buitenlucht wel heel vreemde kleuren…

Laat de witbalans vooreerst maar op AWB staan, anders worden de kleuren van de kunstvliegen ineens heel anders

Laat de witbalans vooreerst maar op AWB staan, anders worden de kleuren van de kunstvliegen ineens heel anders.
Laat de witbalans vooreerst maar op AWB staan, anders worden de kleuren van de kunstvliegen ineens heel anders.

Cruciale instellingen bij het fotograferen (8)

Stel bij een compactcamera de gevoeligheid om te beginnen in op maximaal ISO 200. Bij een spiegelreflex kun je zonder veel problemen tot ISO 800 of 1200 gaan.

Gevoeligheid instellen

Iets waar we verderop in deze reeks uitvoerig op terug komen, maar wat nu alvast handig is om te doen, is dat je kijkt naar de ingestelde gevoeligheid van de camera, uitgedrukt in de zogenaamde ISO-waarden. Stel deze waarden van je fototoestel in het begin niet te laag in. Voor compactcamera’s kun je het houden op ISO 200, voor spiegelreflexcamera’s op ISO 400 tot 800. Een hogere gevoeligheid betekent dat je gebruik kunt maken van snellere sluitertijden en/of kleinere diafragma’s. Gemakkelijker gezegd, de kans op bewegingsonscherpte is zo veel kleiner en zeker in het begin is het lekker wanneer niet elk foutje wordt afgestraft met een onscherpe foto.

Stel bij een compactcamera de gevoeligheid om te beginnen in op maximaal ISO 200. Bij een spiegelreflex kun je zonder veel problemen tot ISO 800 of 1200 gaan.
Stel bij een compactcamera de gevoeligheid om te beginnen in op maximaal ISO 200. Bij een spiegelreflex kun je zonder veel problemen tot ISO 800 of 1200 gaan.

Cruciale instellingen bij het fotograferen (7)

Maak in het (buiten)land ook altijd wat foto’s van en met je visgids en mail ze later toe of stuur wat afdrukken op; ze zijn er altijd dankbaar voor.

Foto’s verkleinen

Het algemene advies luidt om je camera op de hoogst mogelijke kwaliteit in te stellen. Daarna kun je de foto’s altijd nog verkleinen om ze bijvoorbeeld gemakkelijk per email naar iemand toe te kunnen sturen. Het verkleinen van foto’s kan met Photoshop of vergelijkbare fotobewerkingsprogramma’s, maar een aanrader wat dit betreft is het programma Photorazor, dat je gratis van internet kunt downloaden. Met dit programma kun je snel en gemakkelijk meerdere foto’s tegelijkertijd verkleinen naar een door jou te bepalen bestandsgrootte. De originele foto’s worden daarbij niet bewerkt, die verkleinde foto’s komen in een aparte map te staan.

Maak in het (buiten)land ook altijd wat foto’s van en met je visgids en mail ze later toe of stuur wat afdrukken op; ze zijn er altijd dankbaar voor.
Maak in het (buiten)land ook altijd wat foto’s van en met je (vis)gids en mail ze later toe of stuur wat afdrukken op; ze zijn er altijd dankbaar voor.

Cruciale instellingen bij het fotograferen (6)

De naam JPEG komt van Joint Photographic Experts Group, oftewel de organisatie die dit bestandstype voor digitale beelden ontwikkeld heeft.

Foto’s maken in RAW

De naam JPEG komt van Joint Photographic Experts Group, oftewel de organisatie die dit bestandstype voor digitale beelden ontwikkeld heeft. De duurdere fototoestellen bieden de mogelijkheid om daarnaast foto’s in het bestandstype RAW te schieten. Dit zijn veel grotere bestanden die later nog uitgebreid bewerkt moeten/kunnen worden en die omgezet moeten worden met programma’s die bij de camera geleverd worden, voordat je ze kunt bekijken op je computer. Deze grotere bestanden hebben een stuk meer ruimte nodig op de opslagkaart in je camera en later, wanneer ze bewerkt zijn, op de harde schijf van je laptop, tablet of computer. Dit RAW-bestandstype kun je voorlopig even laten voor wat het is. Houd het in het begin dus op die hoogste kwaliteit (L van ‘Large’) JPEG-instelling.

Fotograferen is ‘de kunst van het weglaten’. Kruip dus dicht op je onderwerp en laat buiten beeld wat niet van belang is. Je hoeft dan ook later op de computer geen uitsnede te maken om een betere foto te realiseren.
Fotograferen is ‘de kunst van het weglaten’. Kruip dus dicht op je onderwerp en laat buiten beeld wat niet van belang is. Je hoeft dan ook later op de computer geen uitsnede te maken om een betere foto te realiseren.

Cruciale instellingen bij het fotograferen (5)

Op vrijwel alle digitale camera’s heb je de mogelijkheid om de kwaliteit (lees grootte) van foto’s in te stellen.

Kwaliteit instellen

Op vrijwel alle digitale camera’s heb je de mogelijkheid om de kwaliteit (lees grootte) van foto’s in te stellen. Zo kun je instellen dat de gemaakte foto’s klein zullen zijn, zodat ze weinig ruimte innemen. Het is beter om dat niet te doen! Het is beter om het formaat van de foto op de hoogst mogelijke JPEG (JPG) kwaliteit te zetten. Wil je de foto’s verkleinen, omdat ze veel ruimte op de computer innemen of wil je ze gemakkelijk kunnen mailen, dan kun je ze op de computer altijd nog verkleinen. Andersom kan namelijk niet. Een foto met een lage kwaliteit kan later, mocht je een foto voor aan de muur nodig hebben, niet meer naar het originele formaat teruggebracht worden!

Standaard JPEG’s in de hoogste kwaliteit, dat is prima om mee te beginnen.
Standaard JPEG’s in de hoogste kwaliteit, dat is prima om mee te beginnen.

Cruciale instellingen bij het fotograferen (4)

Zet de lens op autofocus (AF) om mee te beginnen, de ‘Image Stabilizer’ zorgt dat je minder snel een statief nodig hebt, dus die mag – indien aanwezig - ook aan.

Handmatig of automatisch scherpstellen

Bij een spiegelreflex kun je de lens handmatig scherpstellen (MF, manual focus) of je laat de camera dit werk doen (AF, auto focus). Kies maar meteen voor het laatste, zet de lens op AF! Onder minder goede lichtomstandigheden is het een hele kunst om met MF te fotograferen en je loopt grote kans dat je onscherpe foto’s maakt. Nog iets waar je heel even de tijd voor moet nemen is het afstellen van de zoeker van de camera op je ogen. Stel je draagt een bril, dan kun je de zoeker dusdanig afstellen dat je er zonder bril scherp door heen kunt zien. Kijk door de zoeker en verstel het zogenaamde oculair, meestal met een zwenkwieltje, totdat je het raster van het matglas en de scherpstelvlakjes goed scherp ziet.

Zet de lens op autofocus (AF) om mee te beginnen, de ‘Image Stabilizer’ zorgt dat je minder snel een statief nodig hebt, dus die mag – indien aanwezig - ook aan.
Zet de lens op autofocus (AF) om mee te beginnen, de ‘Image Stabilizer’ zorgt dat je minder snel een statief nodig hebt, dus die mag – indien aanwezig – ook aan.

Cruciale instellingen bij het fotograferen (3)

De mogelijkheid om foto’s te maken zonder dat er een opslagkaart in de camera zit, kun je beter uit zetten.

Foto’s maken zonder opslagkaart

Heb je eenmaal die nieuwe digitale camera aangeschaft dan kun je natuurlijk niet wachten om hem mee te nemen tijdens een vissessie en ermee aan de slag te gaan. Toch moet je nog even geduld hebben en aandacht besteden aan een aantal zaken die van cruciaal belang kunnen zijn. Zo bieden veel camera’s de mogelijkheid om foto’s te maken zonder dat er een opslagkaart in het fototoestel zit en dat kan catastrofaal zijn. Je kunt nu de hele dag foto’s maken van schitterende vangsten, fraaie landschappen en zonsondergangen en er ’s avonds thuis achter komen dat er niets van die opnamen bewaard is gebleven, dit omdat je vergeten was een opslagkaart in de camera te stoppen. Zoek even in het menu van je camera naar de instelling ‘fotograferen zonder kaart’ en zet die uit! Dit kan je een hoop ellende besparen.

De mogelijkheid om foto’s te maken zonder dat er een opslagkaart in de camera zit, kun je beter uit zetten.
De mogelijkheid om foto’s te maken zonder dat er een opslagkaart in de camera zit, kun je beter uit zetten.