Cruciale instellingen bij het fotograferen (11)

Werking van de sensor

Een sensor in een modern fototoestel bevat vanaf 5 tot ruim 50 miljoen pixels. Elke pixel bevat een kleine fotocel die een elektrische lading afgeeft wanneer er licht op valt.

Hoe meer licht er op de sensor valt, des te groter is de lading die afgegeven wordt. De hoeveelheid licht geeft echter nog niet aan welke kleur het licht heeft. Om dit zichtbaar te maken hebben we filters nodig. Zonder het gebruik van filters zou elke opname afkomstig van een sensor een zwart-witopname zijn, met witte delen (veel licht), zwarte delen (weinig licht) en een groot aantal grijstinten. De sensor is daarom bedekt met een mozaïek van kleurenfilters, waarbij elke fotocel één filter heeft. Zoals je wellicht weet kun je met de drie basiskleuren (rood, groen en blauw) alle andere kleuren maken. De filters zijn dan ook onderverdeeld in vierkanten met een rode, een blauwe en twee groene filters (omdat onze ogen gevoeliger zijn voor groen licht dan voor rood en blauw). Waar bij analoge camera’s dit alles aan de hand van een chemisch proces een beeld voortbracht, wordt dit in digitale camera’s in een minicomputer omgerekend tot een digitaal beeld.

Zorg dat je camera steeds klaar voor het grijpen ligt of hangt (in de bellyboot in een waterdichte rugzak of bewaartas) en ruim ze als laatste op!
Zorg dat je camera steeds klaar voor het grijpen ligt of hangt (in de bellyboot in een waterdichte rugzak of bewaartas) en ruim ze als laatste op!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *